Honda OSM knipoogt naar volgende S2000

Vandaag weer een vakje op mijn Things To Drive Before I Die-lijst afgekruist: de Honda S2000. En ook al regende het pijpenstelen, duurde de rit welgeteld zes minuten, waren de achterbanden kaler dan Kojak en kon mijn onkatholieke lengte er niet helemaal in, ik wist meteen dat ik in één van de all-time classics zat. Temeer omdat er geruchten circuleren dat Honda zijn supersporters drastisch wil inperken en naar analogie met de laatste Integra en vierdeurs Civic Type-R enkel nog in Japan gaat verkopen. Maar wat betekent dat dan voor de opvolger van de achterwielaangedreven S2000?

Voorwielaandrijving en hybridekracht als je de roddelpers mag geloven. De consensus luidt immers dat het Open Study Model hierboven veel meer is dan een een concept “waarbij niet over aandrijving of productierealiteit werd nagedacht”. Getuigen daarvan de onmiskenbare Civic-dimensies, het dubbeldekkker-dashboard, knoppenwinkel uit de Hondadoos én prominent IMA-logo op de tellerpartij. “Niet over aandrijving of productierealieteit nagedacht” mijn voeten – de OSM is ongeveer even conceptueel als de CRZ-coupé die er vlak langs stond op het Salon van Londen. En die gaat volgend jaar al in productie.

Wat dat spijtig genoeg ook betekent is dat Honda definitief van de 240pk sterke 2.0VTEC uit de S2000 afziet. Erger nog: wat vanmiddag als beste zesbak ooit bevonden werd (en chassis, en motor, en…) behoort binnenkort definitief tot de geschiedenisboeken. De OSM gebruikt namelijk een gerobotiseerde bak met fly-by-wire lepels achter het stuur beter dan een conventionele schakeldoos. Je nekharen voelen tintelen wanneer de viercilinder bij 9.000 toeren in de begrenzer knalt, zit er dus niet meer in. Cabrio genieten van een lichte roadster die het vooral van zijn balans moet hebben des te meer. Maar toch blij dat ik nog even van het oldskool-Honda heb mogen proeven.

Waarvoor dank, beste octaangoden.